Ja. Leliebollentelers nemen hun verantwoordelijkheid en werken aan minder uitstoot naar water en bodem. Zij doen dit met nieuwe teeltmethoden en duidelijke afspraken in de sector: zie ook Toekomst Bollenvak. Er zijn praktijkprojecten zoals Fieldlab Bol, waarin telers, onderzoekers en onderwijsinstellingen samenwerken aan duurzame teeltmethoden. In dit soort projecten wordt bijvoorbeeld geëxperimenteerd met:
- minder middelengebruik op demovelden
- preventieve teeltstrategieën
- robotica voor onkruidbestrijding
- technieken om ziekten eerder te herkennen
- verbetering van bodemgezondheid
- innovatieve irrigatie- en bemestingsmethoden.
Deze projecten laten zien hoe telers zelf actief werken aan praktijksituaties, en hoe kennis gedeeld wordt om nog verder terug te dringen wat nodig is aan bescherming.
In 2024 zijn doelen afgesproken voor minder uitstoot, meer biodiversiteit, gezonde bodem en sterke planten. De telers spannen zich in om de duurzame doelen voor 2030 te halen. Naast de landelijke aanpak Toekomst Bollenvak, zijn er ook regionale initiatieven zoals de Drentse lelie, Stichting Rol en Regiocertificering (Duin- en Bollenstreek en Kennemerland) voor een duurzamere teelt. Transparantie richting consumenten wordt vergroot via certificering, herkomst-labels en digitale traceerbaarheid. Ook werkt de sector met zowel provincies als gemeenten aan convenanten, met doelen om het gebruik van middelen omlaag te brengen. Alle acties zijn erop gericht om risico’s verder te beperken.